Présent
- je demande
- tu demandes
- il/elle demande
- nous demandons
- vous demandez
- ils/elles demandent
demander is het Franse werkwoord voor „vragen”. Het is een regelmatig werkwoord op -er. De samengestelde tijden, zoals de passé composé, vormt het met het hulpwerkwoord avoir, en het participe passé is demandé.
In de présent: je demande, tu demandes, il/elle demande, nous demandons, vous demandez, ils/elles demandent.
Oefen demander
Vraag 1 van 5
demander · Présent
Normalement, je conseil à ma mère.
Normaal vraag ik mijn moeder om raad.
demander · Présent
Nous notre chemin à un passant en ce moment.
We vragen op dit moment een voorbijganger de weg.
demander · Passé composé
Ma voisine des nouvelles du chien, l'autre jour.
Mijn buurvrouw heeft laatst gevraagd hoe het met de hond gaat.
demander · Présent
Les enfants un dessert tous les soirs.
De kinderen vragen elke avond om een toetje.
demander · Passé composé
Vous le prix au vendeur, avant-hier ?
Hebben jullie eergisteren de verkoper naar de prijs gevraagd?
De zinnen die Conjupi je voor dit werkwoord laat aanvullen, met de vervoegde vorm in het rood.
Vul deze zinnen zelf aan, persoon voor persoon. De vormen die je mist komen terug tot ze erin zitten, en de app leest elke zin voor.